Berichten

,

Drie redenen om niet op dieet te gaan!

Wil jij een paar kilo kwijt en ga jij daarom op dieet? Doe het niet!

Vandaag geef ik drie redenen waarom je beter NIET op dieet kunt gaan wanneer je wilt afvallen.

  1. Wanneer je op dieet gaat verbied jij jezelf om een aantal heerlijkheden te eten. Onderzoeken laten helaas zien dat dingen wanneer ze verboden zijn een stuk aantrekkelijker worden. Dit noemt men het “forbidden fruit effect”. Dit effect begint al op jonge leeftijd. Kinderen vinden speelgoed waarmee ze niet mogen spelen het alleraantrekkelijkst. Door op dieet te gaan wordt het snoepen en snacken dus alleen maar extra aantrekkelijk! 
  2. Denk jij als je op dieet bent de hele dag aan eten? Als je ergens niet aan mag denken dan ga je er vaak alleen maar extra aan denken. Let maar op! Denk de komende dertig seconden niet aan een roze olifant… Jij hebt sowieso aan een roze olifant gedacht. Vast niet aan snoepen en snacken. Dat krijg je als je ergens niet aan mag denken. Dan ga je er juist aan denken!
  3. In mijn video voor Psychologie Magazine zeg ik het al. Tachtig procent van de mensen die op dieet gaat zijn één jaar later weer op hun oude gewicht of zelfs nog zwaarder. De kans is dus groot dat jij volgend jaar weer met hetzelfde probleem zit of zelfs nog zwaarder bent als je nu op dieet gaat. De beste reden toch om niet op dieet te gaan? 

Het is dus een stuk beter om een gezond gewicht zonder dieet te bereiken.

Ik heb verschillende video’s gemaakt waar ik uitleg hoe jij kunt afvallen zonder dieet, hoe jij je portiegrootte onbewust kunt beïnvloeden en hoe jij voor eens en voor altijd het sporten vol kunt houden. Deze video’s kun je allemaal vinden in de afspeellijst op mijn kanaal genaamd: Sport en eetgewoonten. 

,

Zo ontwikkel jij een positief zelfbeeld!

‘Je ziet er niet uit met die dikke kop!’

‘Heb je weer dat pak koekjes weg gewerkt? Je bent walgelijk!’

‘Stomme trut! Nu heb je alweer te veel gegeten!’

‘Je bent een vet varken!’

Dit zijn heftige uitspraken, niet? Als jij iemand dit tegen een ander zou horen zeggen dan had je dit vast niet oké gevonden. Als jij problemen hebt met je gewicht of eten, of als je een eetstoornis hebt, dan is de kans groot dat jij last hebt van kritische gedachten over jezelf, je lichaam en je eetgedrag. Deze kritische gedachten kunnen heel heftig zijn en worden alleen maar sterker naarmate je strenger gaat lijnen. Uiteindelijk kunnen ze zelfs je hele denken en doen beïnvloeden. Vandaag ga ik je wat oefeningen leren waarmee jij hier weerbaarder tegen kan worden. Hierdoor kun je wat positiever gaan denken over jezelf en over je lichaam.

Mensen met eet- en gewichtsproblemen hebben vaak veel last van kritische gedachten en horen vaak negatieve en kritische stemmen in hun hoofd. Die stemmen zeggen bijvoorbeeld dat ze gefaald hebben, dat ze te dik zijn of te veel gegeten hebben. Dit levert vaak een negatief gevoel op. Doordat je alleen maar negatief over jezelf nadenkt word je alleen maar somberder en machtelozer. Laten we eerst eens kijken of jij last hebt van dit soort kritische gedachten.

Ik ga je 7 vragen stellen. Houd voor jezelf bij of de uitspraak bij bij jou past op een schaal van 1 tot 5, waarbij 1 nooit is en 5 heel vaak.

  • Ik ben kritisch over mezelf
  • Ik ben kritisch over mijn lichaam
  • Ik ben kritisch over mijn gewicht
  • Ik ben kritisch over wat ik eet
  • Ik denk vaak dat ik te veel gegeten heb
  • Ik heb beschuldigende gedachten over mijzelf
  • Ik ben veroordelend en bestraffend naar mijzelf

Als jij meer dan 28 punten en hebt en vaak 4 of 5 punten dan heb jij veel last van innerlijke kritiek.

Laten we eens kijken of die kritische gedachten van jou terecht zijn:

  1. Schrijf eerst eens een kritische gedachte op over jezelf. Schrijf daarna een weerwoord op deze kritische gedachte op over jezelf.
  2. Schrijf nu een kritische gedachte op over je lichaam. Schrijf daarna een weerwoord op deze kritische gedachte op over je lichaam.
  3. Schrijf eerst een kritische gedachte op over je eetgedrag. Schrijf daarna een weerwoord op deze kritische gedachte op over je eetgedrag.

Vaak duurt het in het begin lang om een weerwoord te bieden aan de kritische gedachte. Vaak helpt het om iemand in je omgeving te vragen om jou te helpen met het opstellen van de weerwoorden. Het is wel belangrijk dat je deze weerwoorden zelf luid en duidelijk uitspreekt.

Voor veel mensen is het heel moeilijk om positieve gedachten over zichzelf te bedenken, zeker als ze al heel lang zo denken. Door vaak te oefenen kun jij positieve gedachtenpatronen over jezelf ontwikkelen. Laten we hier gelijk mee beginnen!

  1. Schrijf eerst eens vijf positieve punten over jezelf op. Als je het lastig vindt mag je ook aan iemand in je omgeving vragen om jou hierbij te helpen. Herhaal deze punten tien keer hardop.
  2. Voor veel mensen met eet- en gewichtsproblemen is het ook heel lastig om positieve dingen over hun lichaam te bedenken. Maar door vaak te oefenen kun je ook positieve denkpatronen over je lichaam ontwikkelen. Schrijf nu 5 positieve dingen op over je lichaam en herhaal deze tien keer.
  3. Ook is het voor veel mensen met eet- en gewichtsproblemen erg lastig om positieve dingen over hun eetgedrag te bedenken. Maar voor het menselijk lichaam, maar zeker ook het brein is een gezonde voeding heel belangrijk om goed te kunnen functioneren. Schrijf dus nu vijf positieve dingen op over je voeding. Herhaal ook deze tien keer hardop.

Mocht het nu voor jou lastig zijn om positieve dingen op te schrijven, kijk dan of iemand in jouw omgeving jou hierbij kan helpen. Oefen nu de komende week met het ontwikkelen van positieve gedachte patronen. Kies iedere dag vijf positieve aspecten bij de begrippen ‘vriendschap – familie – opleiding – baan – vrije tijd – sport – toekomst) en herhaal die tien keer hardop.

Het doel is dat je leert om je kritische gedachten en stemmen te verminderen en los te laten. Dat is best moeilijk, zeker als de gedachten heel dominant zijn geworden en je zelfvertrouwen steeds minder zijn geworden. Je zult dan veel moeten oefenen om die innerlijke criticus los te laten. De oefeningen en info die ik heb gegeven komen uit het boek ‘Innerlijke kritiek bij eetproblemen. Op weg naar zelfacceptatie.’ geschreven door Greta Noordenbos en Marieke ten Napel. Dit boek is een enorme aanrader als jij je last hebt van kritische gedachten en problemen hebt met eten of je gewicht. Dit boek leert je stap voor stap hoe kritische gedachten over jezelf, je lichaam en je eetgedrag ontstaan, maar vooral hoe jij er weerbaarder tegen kunt worden. Door allerlei oefeningen leer je die gedachten te  herkennen, hoe je ze ter discussie kunt stellen en hoe je er meer afstand van kunt nemen. Uiteindelijk zul je hierdoor positiever over jezelf en je lichaam kunnen denken. Van Boom uitgevers mag ik twee boeken weggeven. De eerste kun je winnen door onder de video op YouTube te reageren waarom jij het boek wilt winnen. Als je kans wil maken op het boek moet je er wel even voor zorgen dat je geabonneerd bent op mijn YouTube kanaal. Ook op Facebook geef ik een boek weg. Reageer dan even onder de foto van het boek de zin: Ik wil het boek winnen. Als je via Facebook kans wil maken op het boek moet je er wel even voor zorgen dat je mijn Facebook pagina volgt. Good luck!

,

Zo houd jij het sporten wel vol!

Wil jij echt vaker gaan sporten?

 

Lukt het jou telkens maar niet om het vol te houden om naar de sportschool te gaan?

 

Maak jij telkens weer geen gebruik van je sportschoolanbonnement?

 

Er zijn verschillende barrières bekend die bijdragen of behoren tot de redenen waarom mensen opgeven om te sporten. Dit terwijl deze mensen wel graag zouden willen gaan sporten. De meest voorkomende barrières zijn: tijdsgebrek, kosten, gebrek aan toegang tot de juiste faciliteiten en apparatuur, gêne, gebrek aan zelfvertrouwen en gebrek aan een sportmaatje. Om ervoor te zorgen dat jij je aan je goede voornemens kunt houden heb ik hier vier wetenschappelijk bewezen tips die je helpen om het sporten vol te houden!

Tip 1: Stel een juist doel voor jezelf.

Het stellen van doelen heeft volgens de literatuur grote invloed op de prestaties die iemand behaalt. Een juist doel heeft vaak de volgende elementen: het geeft je richting, verhoogt je motivatie, helpt met het leren hoe je je aan je voornemens houdt en hoe je de voornemens kunt bereiken. Wanneer doelen hier niet aan voldoen krijg je het effect van Nieuwjaar voornemens: het stellen van doelen stellen kunnen we, maar het behalen van een doel is veel moeilijker. Verder zorgt een doel ervoor dat de aandacht en onze inspanningen gericht zijn, waarbij sterker gewaardeerde doelstellingen leiden tot sterkere en langdurige inspanningen.

Tip 2: Stel je doel SMART op.

Dit houdt in dat het doel haalbaar voor je is. Kijk of je doel Specifiek is: hoe wil je gaan sporten en hoe vaak. Is je doel ook meetbaar? Hoe weet je zeker of je je doel behaald hebt. “Meer gaan sporten of Vaker gaan sporten” is moeilijker vast te stellen dan “1 keer in de week sporten”. Is het doel acceptabel en actueel? Wil je wel écht gaan sporten? Een doel moet ook realistisch zijn. Van bijna nooit sporten naar vier keer in de week is misschien te hoog gegrepen. Zorg ervoor dat je doel realistisch is en het je vertrouwen geeft om het te behalen. Als laatste is het belangrijk dat een doel tijdsgebonden is. Wanneer wil je gaan sporten? En voor wanneer wil je je doel behaald hebben? Denk dus aan de SMART onderdelen in je doel.

Tip 3: Gebruik je verbeelding op de juiste manier.

Er is onderzoek gedaan naar hoe de verbeelding van mensen samenhangt met de motivatie bij het sporten. Veel mensen verbeelden zich namelijk van alles in bij het sporten en bewegen. Ze zien zichzelf al zwetend in een aerobics groepsles van de sportschool staan of puffend het rondje in het park uitlopen. Maar welk soort verbeelding helpt om meer te gaan sporten? Vooral vrouwen verbeelden zich een beter uiterlijk verreweg het meeste in. Dit geeft wel intentie om te gaan sporten maar niet het daadwerkelijke gedrag. Je weet dat je eigenlijk vaker zou moeten sporten maar dit zorgt er nog niet voor dat je écht gaat sporten. Wat wel werkt om daadwerkelijk meer te sporten is het inbeelden van energie die je krijgt tijdens of door het sporten. Ook het oproepen van het plezier dat je tijdens het sporten of een technische uitvoering ervaart zorgt ervoor dat je je goede voornemens makkelijker waar kunt maken.

Tip 4: Maak bij je doel een planning. 

Bij de uitvoering van je planning houdt je bij of je je aan de planning kunt houden. Achteraf kijk je of je het gewenste resultaat, je doel, hebt behaald. Dit heet zelfregulatie. Het helpt je om gedrag te veranderen, eigenlijk is het een proces dat je kunt doorlopen wanneer je iets gaat leren. Het is veel onderzocht in het onderwijs en de sportcontext. In beiden gebieden is aangetoond dat het zorgt voor efficiënt leren en het verbeteren van je prestaties. Hoe meer je zelfregulerend te werk gaat hoe beter je prestatie en vaardigheidsniveau zal zijn.

Bronnen:

Clark, S., E., Ste-Marie, D., M. (2007). The impact of self-as-a-model interventions on chil-dren’s self-regulation of learning and swimming performance. Journal of Sports Sciences, 25:5, 577-586, DOI: 10.1080/02640410600947090.

Day, T., Tosey, P. (2011) Beyond SMART? A new framework for goal setting, The Curriculum Journal, 22:4, 515-534, DOI: 10.1080/09585176.2011.627213

Gezondheidspsychologie. 2012. Val Morrison & Paul Bennet. Pearson

Hutter, V. Verbeelding en goede voornemens. (2011) via http://www.sportknowhowxl.nl/achtergronden/werkende-wetenschap/item/88947/

Jain, S., (2009) Self-Control and Optimal Goals: A Theoretical Analysis. Marketing Science 28(6):1027-1045. https:// doi.org/10.1287/mksc.1090.0492

Jonker, L. (2011). Self-regulation in sport and education: important for sport expertise and academic achievement for elite youth athletes. (Proefschrift). Rijksuniversiteit Groningen.

Jonker, L., Elferink-Gemser, M.,T., Visscher, C. (2012b). Efficiënt naar goud: het belang van zelfregulatie in de ontwikkeling van sporttalent naar topsporter. In H. Van Der Palen & J. Van Der Kerk (Ed.), Goud in elk kind Jeugdsport in een pedagogisch perspectief (86-101).

Locke, E., A., Latham, G., P,. (2002). Building a Practically Useful Theory of Goal Setting and Task Motivation: A 35-Year Odyssey.

MacLeod, L. Making SMART Goals Smarter. (2012).

Stanley, D.M., Cumming, J., Standage, S. & Duda, J.L. (verschijnt in 2012). Images of exercising: Exploring the links between exercise imagery use, autonomous and controlled motivation to exercise, and exercise intention and behavior. Psychology of sport and exercise, 13, blz. 133-141

Toering, T., Elferink-Gemser, M., T., Jonker, L., van Heuvelen, M., J., G., Visscher, C. (2012). Measuring self-regulation in a learning context: Reliability and validity of the Self-Regulation of Learning Self-Report Scale (SRL-SRS), International Journal of Sport and Exer-cise Psychology, 10:1, 24-38, DOI: 10.1080/1612197X.2012.645132

Weinberg, R., S., Gould, D. (2011). Foundations of sport and exercise psychology. United States of America: Human Kinetics.

– Deze blog post en video zijn tot stand gekomen met behulp van Milou Nieuwenhuizen. –

,

Zo val jij af zonder dieet!

Zo val je tien kilo af zonder dieet!

Wil jij weten hoe het mij is gelukt om 10 kilo af te vallen en daarna 10 jaar op gewicht te blijven met behulp vanuit tips uit de psychologie?

Tijdens mijn puberteit en in het begin van mijn studiejaren was ik een stuk zwaarder dan nu. Ik was niet erg gelukkig met die extra kilo’s en besloot mijn levensstijl te veranderen. Nu zul je misschien met je ogen rollen, omdat dit een veel gehoord antwoord is van vele fitboys en fitgirls, maar ook volgens de wetenschap is de sleutel om op gewicht te blijven het maken van de juiste lifestyle keuzes.

Ik ga je dus niet vertellen over diverse diëten en oefeningen waardoor je snel kunt afvallen, maar over hoe jij door je gedrag aan te passen gezondere keuzes kunt maken.

Met deze zes tips kun jij blijvend gewicht verliezen op een gezonde manier!

1) Stel, je bent op dieet, je bent lekker aan het wandelen, eet een gezonde energiereep en denkt ik ben vandaag echt goed bezig, dan is volgens wetenschappelijk onderzoek de kans groter dat je juist door deze combinatie, zodra je weer thuis bent meer, meer ongezonde dingen eet. De verwachting is namelijk dat je door het lopen niet hebt verwerkt dat je deze energiereep hebt gegeten en daardoor niet of minder verzadigd bent geraakt of dat je het leegeten van een zak M&M’s later op de dag goedpraat, omdat je eerder die dag hebt gewandeld. Mijn tip is dan ook walk en talk en ga rustig even zitten om iets te eten.

2) Als het gaat om zogenaamd “ongezond voedsel” zoals chocolade, koekjes, ijs, dan is het beter om dit uit het zicht en op loopafstand te plaatsen. Heb je bijvoorbeeld een snoeppot op het werk staan voor de lekkere trek? Dan is het veilig om deze op minimaal twee meter loopafstand te plaatsen. Bij deze afstand snoep je namelijk 5,5 keer minder dan wanneer deze op je bureau staat. Wil je je snoep wel in de buurt houden? Stop het snoep dan in een lade. Je snoept dan drie keer minder dan wanneer het op je bureau staat en je helpt dan ook je collega’s die gezonde keuzes willen maken. Uit wetenschappelijk onderzoekt blijkt namelijk dat we echte gemaksdieren zijn en dat de bereikbaarheid van het snoep meer invloed heeft dan de zichtbaarheid. Wil je het echt goed aanpakken? Hang dan een slotje aan de snoeplade.

3) Je hebt jezelf vast wel een keer horen zeggen; “Ik heb te veel gegeten”. Hoe kun je dit nu voorkomen? Uit onderzoek blijkt dat we niet altijd goed kunnen inschatten wat hiervan de oorzaak is, terwijl externe factoren toch zeker een rol spelen.  Een factor die van invloed is is portiegrootte. Hoe meer je krijgt voorgeschoteld, hoe meer je doorgaans eet. Je feeder vrienden kun je dan dus beter even vermijden, althans als het om samen eten gaat.

4) Nu we het toch over vrienden hebben, het gezelschap waarmee je eet is van invloed op je keuzes. De sociale norm binnen je gezelschap beïnvloedt namelijk of je meer of minder eet. Zo herken je waarschijnlijk dat je, wanneer je met je fitgirl vriendinnen eet, minder snel een vette hamburger bestelt of serveert.  Toch vinden we dit kennelijk lastiger te erkennen, terwijl we portiegrootte wel eerder de schuld geven.

5) Deze life hack helpt je de juiste keuzes te maken als je gaat uiteten. Het is waarschijnlijk geen verrassing dat uit onderzoek blijkt dat we geneigd zijn om te kiezen voor de beste deal. Als het gaat om value for money gaat kiezen we eerder de optie waarbij we het meeste voor ons geld krijgen, terwijl dat dessert, het supersizen en het extra drankje gewicht technisch niet echt heel verstandig zijn.

6) Ook kun je misschien kijken naar wat voor soort restaurant je uitkiest. Zo vinden we het namelijk natuurlijk om alles in een “unit/stuk” te eten, dus 1 steak of 1 pannenkoek, ongeacht de grootte. Volgens onderzoek zijn we geneigd om minder te eten als het eten in kleine hapjes wordt geserveerd.  Dat voelt aan als impulsief en ongepast waardoor we minder eten. Als je deze redenering volgt is het als je op gewicht wilt blijven een verstandigere keuze om naar een sushi restaurant of tapas restaurant te gaan. Let er dan wel op dat je je niet laat verleiden door de “all you can eat deal” want dan bestaat de kans dat dit effect weer teniet wordt gedaan.

Ik hoop dat ik je met deze tips meer inzicht heb gegeven om na het behaalde succes van afvallen ook op gewicht te blijven. Laat je me weten of het je met behulp van deze tips lukt?

De wetenschappelijke artikelen bijbehorende de tips vind je via deze links.

Tip 1: http://journals.sagepub.com/doi/abs/10.1177/1359105315595119

Tip 2: https://papers.ssrn.com/sol3/papers.cfm?abstract_id=2719056

Tip 3: https://link.springer.com/article/10.1007/s13679-017-0239-x

Tip 4: http://www.tandfonline.com/doi/abs/10.1080/15534510.2015.1008037

Tip 5: https://ijbnpa.biomedcentral.com/articles/10.1186/1479-5868-6-58

Tip 6: http://psycnet.apa.org/record/2014-38577-001